80 en toch nog achter het stuur?

De oudere automobilist en een opfriscursus

Goede bijscholing van oudere automobilisten is belangrijk, leuk en nuttig. Van de ouder wordende mens is bekend dat die, dat is nu eenmaal een natuurlijk proces, langzaamaan meer moeite heeft om alles bij te houden. Zo ook het verkeer. Het verkeer lijkt steeds sneller te gaan als je ouder wordt. Deels omdat het ook echt steeds sneller gaat, maar vooral omdat het in de hersenen allemaal wat trager gaat verlopen. Dat maakt van ouderen zeker geen standaard brokkenmakers. Jongeren in de leeftijdscategorie 18 – 24 vormen gemiddeld een veel groter gevaar op de weg.

Naast mensen met rijangst, begeleid ik tevens oudere bestuurders. Een erg leuke groep mensen om mee te werken. De leeftijd varieert van eind zestig tot eind tachtig. Sommige ouderen benaderen mij omdat ze hun kennis en vaardigheden willen opfrissen. Dat kan dan zijn omdat ze een tijd minder hebben gereden of omdat ze merken dat het allemaal niet zo soepel meer gaat.

Een andere veel gehoorde reden mij te bellen, is vanwege het ziek worden of overlijden van de partner. In dit geval betreft het vrijwel altijd de vrouw die gedurende het huwelijk naast de echtgenoot in de auto zat. Ziekte of overlijden maken het dan noodzakelijk zélf weer het stuur ter hand te nemen. Zowel om de eigen vrijheid te behouden als om kinderen en kleinkinderen te kunnen (blijven) zien. Kortom vergroten van actieradius en mogelijkheden.

Verkeersregels

Onzekerheid over de verkeersregels, gebrek aan vaardigheden en routine hoor ik veelvuldig als reden om een opfriscursus dan wel een heel begeleidingstraject te willen doen.

Ik heb een set van twintig theorievragen samengesteld die ik toestuur en tijdens de eerste bijeenkomst doorspreek. Het leuke van de vragenset is, dat cliënten het ook gaan bespreken met (klein-)kinderen en vrienden. De steen in de vijver.

En verder gaan we natuurlijk de (snel)weg op. Tijdens de ritten wordt er uiteraard ook aandacht besteed aan de regels en de veranderingen in het verkeer(sbeeld).

Tot ziens.

Noor

Rijangstbegeleiding

Hoe kom ik nou toch aan die rijangst?

Je ervaringen en emoties worden opgeslagen in je brein. (Rij)angst ontstaat door de wijze waarop je een ervaring in je hersenen/geheugen opslaat. Door een bepaalde situatie een emotionele waardering te geven (en als zodanig in je geheugen op te slaan), kan je een toekomstige soortgelijke situatie herkennen en daar op reageren. Dus emoties worden gekoppeld aan zintuiglijke ervaringen en de daarmee verbonden mensen, dieren of voorwerpen.

Tijdens periodes van (veel) stress kan plotseling paniek ontstaan en die paniek wordt dan gekoppeld aan de omgeving (tunnel, snelweg, brug etc.) waarin dat gebeurde. Vanaf dat moment ga je die plek vermijden en zo ontstaat rijangst. We hebben in ons hoofd een soort alarmsysteem. Op het moment dat je iets angstigs ziet (tunnel), zet dat als het ware het alarm aan. Dat heeft tot gevolg dat je fysiek van alles gaat voelen: zweten, hartkloppingen, duizelingen, trillen. Deze gevoelens zetten je (ramp)gedachten in werking waardoor het alarm nog harder gaat en je geheugen activeert. Daar waren al negatieve herinneringen opgeslagen welke nu zorgen dat je niet verder gaat/rijdt. Weer een negatieve bevestiging erbij!

In de rijangstbegeleiding ligt de focus op het ‘verzamelen’ van positieve ervaringen. Elke positieve ervaring kan een negatieve vervangen. Aan het eind van een rijbegeleidingstraject evalueer ik en vraag ik onder andere ‘waar heb je het meest aan gehad’? Een aantal antwoorden hierop:

  • Door de moeilijke momenten heen gaan.
  • Omgaan met de paniek en angst, overwinnen door te doen.
  • Nieuw gedrag leren en inoefenen, zodat de moeilijke momenten niet meer eng zijn.
  • Overwinnen van de angst door het te doen met de fijne en rustige begeleiding van Noor.
  • Rust van Noor, kleine aanwijzingen, de-dramatiseren, vertrouwen in dat ik het kan.

En hoe gaat het nu met mijn ex-cliënten?

  • Meteen de dag na de laatste begeleiding zelf naar Frankrijk gereden. Het gaat heel goed, veel gereden in Frankrijk.
  • Op vakantie in Amerika uren achter elkaar snelweg gereden én een brug van 10 km over het water!
  • Ik rij overal weer naar toe. Soms zit ik ‘er tegen aan’ en denk dan: Noor zit op de achterbank, dat geeft vertrouwen.

Er is hoop. En licht aan het eind van de tunnel.

Tot ziens,

Noor